In verwarring

De vrouw op de brug.

Mel, de vrouw van het schoolplein, getrouwd, net als ik. Een man en kinderen. Mel die me vertelde dat ze soms met vrouwen was. Die in mijn oor fluisterde dat ze een minnaar wilde. Mel die me in verwarring bracht.

Toen ik haar vertelde wat ik voelde, nam ze mijn gezicht in haar handen en kuste me. Haar lippen. Er wakkerde iets in een adembenemende snelheid aan. Bij mij, bij haar. Er was geen houden meer aan. De brieven die volgden. De liefde. Het drama. Mijn hart dat dubbel brak. Gehavend wist ik na precies een jaar aan het slagveld te ontsnappen en me te redden uit het drijfzand waar ik tot aan mijn nek in zat.

En ik ging op zoek naar het pad dat me naar de brug zou leiden waar Judith met haar boeken zat.

 

Proloog

'Blijkbaar zijn we optimistische mensen,' schreef Judith in een mail aan de trouwambtenaar. Op de avond voor mijn verjaardag heeft ze me exact om twaalf uur 's nachts ten huwelijk gevraagd. Zonder aarzeling zei ik: 'ja.' Ook al hadden we dat allebei al eens gedaan.

Ik heb Judith ontmoet op een brug in de stad, waar zij in een kraampje met boeken stond. Ze houdt van boeken. Ik ook, maar mijn dochter Fenna niet. Ze schaamt zich voor al die boeken in de kast. 'Dan denkt iedereen dat we nerds zijn, mam,' zegt ze. Zelf leest ze een boek per dag, maar dat weet niemand, alleen Judith en ik, want wij slepen haar voorraad aan.

Wie had ooit kunnen denken dat ik met een vrouw zou gaan trouwen. Altijd bezig met vriendjes vroeger, een lange relatie met een man, een dochter en een zoon. Een huwelijk dat goed was tot het niet goed meer was. Dat ten einde liep. Een vrouw die zo'n beetje gelijktijdig in mijn leven kwam, op het schoolplein. Een vriendin, dacht ik. Gewoon een vriendin. Een goede vriendin. Een bijzonder goede vriendin. Tot de vonk oversloeg en de hel losbrak, de hemel. Ik wist niet wat me overkwam.

Anderen zeiden later: 'ik wist het wel, ik heb het altijd geweten.' Of: 'ik ben helemaal niet verbaasd.' En toen Judith mijn foto's van vroeger zag, riep ze lachend uit: 'Maar kijk dan, dat haar!' Ze wees naar mijn wit gemillimeterde kapsel. 'Kijk dan, hoe wist je het níet?'

Maar ik wist het niet. Ik wist van niks. Ik werd niet verliefd op meisjes. Ze trokken me soms aan, maar wat betekende dat? Niets. Ik stond niet in vuur en vlam, dat gebeurde pas toen ik zelf volwassen was. Ruimschoots volwassen. Zo had ik dat nog nooit gehad.

Iemand vertelde me dat oudere vrouwen wel vaker op latere leeftijd omslaan in de liefde, van man naar vrouw. Dat zou hormonaal zijn. Evolutionair bepaald. De mogelijkheid tot voortplanting is voorbij. De man verliest zijn functie, en er komt meer behoefte aan zorg: pijntje hier, hier pijntje daar. En dan ben je beter af met een vrouw.

Maar die vrouw op het schoolplein riep helemaal geen zorggevoelens bij me op. Of gevoelens van zorg die ik zelf nodig had. Ze was uitstekend in staat om haar eigen boontjes te doppen, en ik was dat ook. Dit was iets anders, maar wat?

Ik liep hard in het bos.

Mijn huwelijk liep ten einde.

Ik snakte naar warmte, een hand op mijn arm.

En die vrouw vertelde me op een avond in het café over vroeger, dat ze zelf soms met vrouwen was. Hoe ze had ontdekt dat dat voor haar ook een optie was. Ze was ook toen al met haar man, geen kinderen. Ze bleef bij die man. Kreeg kinderen. Ze was hem dankbaar. Zij was hem dankbaar en hij hield van haar.

Toen ik terugliep naar huis voelde ik dat mijn lichaam tintelde. Ik was in de war. Zat Mel soms achter mij aan? Ze belde steeds vaker, we appten, spraken af. Ik kreeg het benauwd. Ik werd nerveus. Wat moest ze van me? Maar was dat niet juist haar angst, waarover ze me had verteld? Dat als zij aan een vrouw vertelde dat ze ook van vrouwen kon houden, zo'n vrouw dan meteen zou denken dat ze iets van haar moest? Mel had dat bijna gefluisterd aan de bar, voordat ze naar de wc was gelopen, voordat ze me had gezegd dat er geen fut meer in haar relatie zat. Dat er iets moest gebeuren. Dat ze een minnaar wilde. Dat ze zo niet gelukkig was.

Een paar dagen later was ik thuis aan het werk. Ik zat achter mijn laptop en kreeg een berichtje van Mel.' Had ik zin om mee te gaan naar…?' Mijn hele lijf begon te tintelen, te prikkelen, en ineens realiseerde ik me: maar dit ben ik! Ik ben het zelf, dit zijn míjn gevoelens. Ik ben verliefd! Hoe had ik me zo kunnen vergissen? Hoe kon het dat ik dat niet had herkend? Ik sprong van mijn stoel, dartelde door de kamer, ik was euforisch. Ik trok mijn hardloopschoenen aan. Ik moest rennen, rennen. Uitgelaten vloog ik door het bos. Tot ik ineens stilstond en mezelf hijgend afvroeg: maar hoe zit het dan met haar?

Ik belde eerst met mijn beste vriendinnen. We moesten eten. Praten, praten. Ja, ja. Ik was getrouwd. Dat was Mel, de vrouw van het schoolplein ook. Zou ik haar iets vertellen? Wat zette ik op het spel? Moest ik dat wel doen? Straks raakte ik alles kwijt.

De week daarna vertelde ik Mel buiten in de achtertuin, op het bankje vlak achter de boom waar niemand ons zag, wat ik voor haar voelde. Het moest. Ik kon niet anders. Ik trilde over mijn hele lijf alhoewel het een warme avond was. En ik vroeg aan haar: 'en hoe is dat voor jou?' Ze nam mijn gezicht in haar handen en kuste me. Haar lippen. Er wakkerde iets in een adembenemende snelheid aan. Bij mij, bij haar. Er was geen houden meer aan. De brieven die volgden. De liefde. Het drama. Mijn hart dat dubbel brak. Gehavend wist ik na precies een jaar aan het slagveld te ontsnappen en me te redden uit het drijfzand waar ik tot aan mijn nek in zat. En ik ging op zoek naar het pad dat me naar de brug zou leiden waar Judith met haar boeken zat.

*

Deel 2 van dit vervolgverhaal in je mailbox ontvangen?

 

 

Reacties

Log in om reacties te lezen en zelf te reageren.

Recent nieuws:

Horoscoop april 2020

'Speel je met de gedachte om uit de kast te komen bij vrienden, familie of op werk? Er is geen beter moment dan deze maand.' Wat staat jou te wachten? Lees het hier.

Lees verder

Het rijk alleen

Mijn keel zat dicht. Mijn handen wisten niet wat ze moesten doen. Ik kon haar niet aanraken. Niet hier. Niet nu. | De vrouw op de brug – deel 2.

Lees verder

Boeken als voorbeeld

Manon Sikkel is schrijfster en Kinderboekenambassadeur. Ze strijdt voor diversiteit en inclusiviteit, want 'voor kinderen is alles normaal'. #ikleesthuis is haar initiatief.

Lees verder
Meer nieuws & achtergronden